0

‘Zetelroof’ als bedreiging voor democratie? Trap er niet in!

Tunahan Kuzu, Norbert Klein en Joram van Klaveren – het zijn slechts enkele van de vele daders van ‘zetelroof’ die deze Kamerperiode aan het werk zijn geweest. Een speciale commissie met Kamerleden van onder meer VVD, PvdA, SP, PVV, D66 onderzocht manieren om paal en perk te stellen aan zulke afsplitsingen. Gisteren werden hun plannen duidelijk. Als het aan deze partijen ligt, krijgen afsplitsingen voortaan geen geld meer en nog maar de helft van de spreektijd en vervolgvragen die ze mogen stellen. Die kleine eilandjes in de Kamer, volgens VVD-Kamerlid Helma Neppérus ”zand in de machine van onze organisatie”, worden door de gewone partijen namelijk maar wat lastig gevonden. Bovendien: waarom denken afsplitsingen het recht te hebben om op eigen titel in de Kamer te zitten? Op het eerste gezicht klinkt het idee om afsplitsingen tegen te gaan dan ook als een nobel plan. Kiezers stellen tegenwoordig vooral vertrouwen in de partij, meestal in de vorm van de lijsttrekker. Zou het daarom niet beter zijn om ervan uit te gaan dat zetels ook aan fracties toebehoren, niet alleen aan de parlementariër? Immers stemt men doorgaans op een leider en de ideeën van een partij, en niet op het rijtje backbenchers dat ergens onderaan de lijst bungelt.

Trap er niet in!

Afsplitsingen zijn een gevolg van een conflict tussen het Kamerlid en zijn partij. Vrijwel altijd is het pijnpunt dat de eerste niet langer een bepaald partijstandpunt wil uitdragen (zoals Joram van Klaveren die bij de PVV wegging na ‘minder, minder’), of dat hij min of meer gedwongen wordt om uit de partij te treden (zie de casus rond voormalig PvdA’ers Tunahan Kuzu en Selcuk Öztürk). Het is juist deze beklemmende fractiediscipline die van individuele Kamerleden doorgaans niets anders maakt dan kritiekloze compromisknuffelaars, volledig in dienst van hun (coalitie)partij. Dit staat een volledige controle op de macht, en daardoor ook op een democratisch gelegitimeerde wetgeving, in de weg. Trap dus niet in het retorische frame van de ‘zetelroof’! We moeten juist af van die geforceerde eensgezindheid binnen partijen – die is namelijk pas écht ondemocratisch. Met name Kamerleden van coalitiepartijen die dicht bij hun aanvankelijke mandaat willen blijven – en zich geenszins monddood laten maken door de lokroep van het regeringspluche – zouden daarom niet gestraft mogen worden, zoals de grote partijen willen; zij verdienen een beloning.

Te veel partijmacht

En of je het nu met ze eens bent of niet, (voormalig) afsplitsingen als DENK, de PVV en misschien ook VNL dekken wel degelijk een deel van de ‘kiezersmarkt’ die anders onaangeroerd zou blijven. De eenvormige, logge (maar machtige) partij-instituties houden bepaalde ontwikkelingen in de maatschappij gewoonweg niet goed genoeg bij. Eurosceptische VVD’ers kunnen nu soms net zo goed terecht bij de PVV of VNL, terwijl de PvdA veel van haar cultureel linkse kiezers zal verliezen aan DENK. Tel daar nog eens bij op dat we tegenwoordig nieuwe media hebben die het makkelijker maken om als eenling te blijven opvallen, en voilà: het voor jezelf beginnen als Kamerlid wordt opeens een stuk aantrekkelijker – en dus gebeurt het ook steeds vaker. Afsplitsingen zijn juist een symptoom voor te veel partijmacht; laten we conflictueze situaties tussen partij en vertegenwoordiger daarom niet oplossen met nóg meer partijmacht.

Vrij parlement

Kortom: met het ontmoedigen van de mogelijkheid tot afsplitsing bewijzen de partijen onze geen democratische dienst, maar verergeren zij juist het probleem van het constante ja-knikken binnen (regerings)partijen. Zonder die verstikkende fractiediscipline zou het parlement er een stuk democratischer op zou kunnen worden. Kamerleden moeten vrijelijk kunnen discussiëren en stemmen over onderwerpen zonder last richting een machtsverslaafd partijorgaan, een praktijk die overigens (in tegenstelling tot de partijen zelf) ook nog steeds in onze Grondwet ligt besloten. Uiteindelijk is het niet de eigen partij, maar de kiezer waar goed naar geluisterd moet worden. Laten we dus voorkomen dat partijen nog meer macht over hun Kamerleden weten te bemachtigen. De tijdsgeest vraagt nu om meer democratie (macht van het volk), en minder particratie (macht van partijen). Het parlement zou een broedplaats voor vrije deliberatie moeten zijn, in plaats van een dorre, kale weide met enkele herders en tientallen makke schaapjes.

Arnout Maat

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.